Om 06.15 uur word ik wakker. De achterdeur bij Mama Irma is al open. Ik ga snel even kijken hoe het is. Mem kijkt ‘s nachts als hij moet plassen, steeds hoe het gaat met Mama.
Om 06.30 uur komt Jeanette al even kijken hoe het gaat. Meteen leven in de brouwerij! Jeanette heeft een dagdienst en zal ’s avonds rond 19.00 uur weer even komen kijken.
Ik zit lekker bij Mama Irma, we praten een beetje, mijn Papiaments is niet altijd toereikend.
Vanuit haar kamer zie ik door het raam de oude Samurai en de kerk, twee vertrouwde zaken. Morgen weer naar de kerk, om half acht.
Ik blijf een poosje bij Mama Irma zitten.
Thelma komt rond 09.00 uur om Mama Irma te baden.
Ik zeg tegen Mem dat ik even boodschappen ga halen bij Centrum. Mem wil graag meerijden en wil even bij zijn vriend Ronnie langs gaan. Ik zet hem daar af en ga naar Centrum. Vaste prik: geld uit de bankomatico. Er is nieuw geld! Gloednieuw papieren geld. Prachtige afbeeldingen uit de onderwaterwereld.
Het biljet van tien gulden, voornamelijk geel, toont de zwarte keizervis en aan de andere zijde Klein Curaçao.
Dat van twintig is vooral blauw en toont de gevlekte adelaarsrog en Simpson Bay op Sint Maarten.
Dat van vijftig gulden is voornamelijk groen en toont op de voorkant een groene zeeschildpad; op de achterkant de baai van Grote Knip.
Dat van honderd de stoplicht papegaaivis en The Courthouse op Sint Maarten.
Dat van tweehonderd is paars en toont een Langsnuit Zeepaardje en op de achterkant de bekende Emmabrug, de pontjesbrug van Curaçao. (Dit heb ik van horen zeggen, ik heb het zelf nog niet gezien)
Boodschappen binnen. Geen bekenden gezien in de supermarkt. Ik haal Mem op en praat even met Vincent, de zoon van Ronnie. Vincent is docent biologie op Mil en gaf eerder ook verzorging op de school ernaast, het Maria College. Afgelopen jaar één school, zo heerlijk, zo prettig werken. “Ik hoop dat het volgend schooljaar ook weer zo uitkomt, dat ik maar alleen bij MIL hoef te werken, het hangt van de uren af”.
Terug thuis alle boodschappen snel in de koelkast en weer even bij Mama Irma zitten, op een stoeltje naast haar. We kletsen een beetje en ik masseer haar armen en benen met Rituals.
Thelma brengt eten voor mij: rijst met gebakken banaan en masbangu, lekker, hopi diushi…..
Na het eten siesta, ik ben moe en nog niet in het goede ritme.
Ik maak een documentje in orde voor Edgar, die mij vraagt of ik iets voor Frater Aurelio SBO kan betekenen. Had hem een berichtje gestuurd dat ik twee weken op Curaçao ben. Hij weet me meteen te vinden, haha.
Als ik lekker bij Mama zit, komt ene Larissa binnen. Zij vertelt me dat ze geëmigreerd is naar Curaçao en een huis zoekt. Ze woont nu tijdelijk in een oppashuis van een vriend in Coral Estate. Ze was in Nederland uitvaartverzorgster en denkt dat Mama Irma nog twee, drie weken te gaan heeft. ’s Avonds lees ik veel over sterven, via thuisarts.nl en zin.nl. De 7 laatste stappen als je gaat sterven. Eén ervan is veel slapen en dat doet mam Irma, een andere is nauwelijks meer eten en drinken, en dat doet ze ook.
Om 21.00 uur moe en naar bed. Nog even lezen in “Voel maar” van Jan Brokken.
Eerder las ik De droevige kampioen over Riki Marchena, een pingpongkampioen uit Parera. Riki las in de gevangenis veel boeken, een ervan was “Also sprach Zarathustra” van Nietsche. Nadat Riki uit de gevangenis was ontslagen, ging hij langs de deuren om auto’s te wassen. Zo kwam hij bij Jan Brokken terecht die – al pratend met Riki – een citaat van Zarathustra herkende dat Riki gebruikte als antwoord op een vraag van Jan Brokken. Zo kwam hij op het idee om het boek te schrijven.
Om 21.15 uur naar bed. Moe.
