Vrijdag 4 juli 2025: De warme deken

vlucht 735 naar Hato, Curaçao.

Op maandag 30 juni bel ik met Mem. Hij vertelt me dat het niet goed gaat met Mama Irma. Ze heeft geen eetlust meer, slaapt veel, geen zin in water of iets anders.

Ik besluit om een ticket te kopen en erheen te gaan, zeker nadat Thelma schreef: “Als er iets gebeurt, kan Guus dan komen?”

Er zijn nog een paar tickets op vrijdag 4 juli. En nog niet te duur, op zaterdag begint er in Zuid-Nederland een vakantie en dan worden de tickets bij KLM (de boeven) € 250,= per vlucht duurder.

Ik boek.

De vlucht verloopt voorspoedig, ik zit vóór een mevrouw die een hondje mee heeft. Het dier blaft in het begin vaker, later minder. Als ik de stewardess vraag naar het vervoer van honden, dan zegt zij dat een hond tot 10 kg mee mag in de cabine. “Meestal slapen ze rustig”, zegt ze. “Heeft u er last van? Als de hond teveel blaft, dan roep mij maar, er is nog een plaats vrij hiervoor. Dan kunt u daarheen verhuizen”. De hond heeft het vast ook gehoord, wil geen overlast veroorzaken en is stil vanaf dat moment.

Om 16.00 uur landen we op Hato. De bekende warme deken valt over me heen als ik buiten sta te wachten op Thelma die mij komt halen. Het is dertig graden, geen zon, bewolkt.

Ik sta te wachten en hoor ineens mijn naam, het is Jeanette die op Hato werkt en die mij komt zeggen dat Thelma onderweg is. Lieve vrouw, die Jeanette, ik ga haar die komende dagen vaker zien.

Thelma komt eraan rijden en we rijden naar Sint Willibrordus, dezelfde vertrouwde weg die ik al honderd keer gereden heb, langs Souax, langs de landfill, langs Bali, langs Daniel Soda Fountain, langs Grote Berg Patat, langs de truki pan (hoe heet ie ook weer?), dan linksaf over de nieuw geasfalteerde weg naar Willibrordus. De weg is nieuw geasfalteerd omdat Premier Pisas (de boef) op Coral Estate woont en elke dag naar zijn kantoor moet in de stad. De oude weg was voor hem te min.

Mama Irma ligt op bed. Ik groet haar, geef Mem een brasa, en ga bij Mama Irma zitten. Ze moet overgeven, de “sopi” van vanochtend en het “awa di koko”.

Ik help Mem een beetje met het schoonmaken van een en ander. En blijf bij Mama Irma zitten. Jeanette komt eraan, is klaar met werken. Ze praat over Mama Irma als “mi baby”. Praat hard, tegen haar. Zingt een liedje met haar. Ik ken dat liedje niet.

Ik ruim mijn spulletjes op. In mijn eigen “flat”. 

Eenmaal klaar ga ik bij Mama Irma zitten, hou haar hand vast en streel haar armen en benen. Moniek heeft me massage olie van Rituals meegegeven en die gebruik ik volop. Was op Schiphol nog even zoeken, maar er was een aparte Rituals winkel, waar ik naar verwezen werd door een aardige juf bij de parfumerie.

Om 20.30 uur wil Mem de deur sluiten. Over en uit. Mama naar bed. Op haar bed ligt een fluit. Die heeft Mem erneer gelegd, Mem hoorde haar zwakke stem niet als zij hem ‘s nachts riep. Nu fluit ze als er wat is. Dat scherpe geluid hoort Mem wel.