donderdag 10 juli 2025, papia ku Dios

Was vast moe. Werd om 06.45 uur wakker.

Mem geholpen. Mond spoelen, medicijn voor de bescherming van de maag gegeven.

Ze wil niet en dan ontstaat er een discussie: “Mi ta papia ku DIos ku e tuma mi”, zegt Mama Irma. Mem: papia ku Dios ku e ta yuda bo, pa Mem, pa Thelma, pa Guus….

Heb er gisteren met MarieLouise lang over gesproken, zij heeft jarenlang in een hospice gewerkt. Ja, zo gaat het, ik zou denken laat Mama Irma met rust en wees een beetje liefdevol, handje vasthouden, aaien. Mem spreekt op gebiedende toon: “abri boca, medicijn ta bon pa bo”. Ook als de telefoon gaat en men vraagt naar Irma, dan hoor ik Mem zeggen, “e ta bon”, terwijl ze daar zooooo slap op bed ligt en niets meer kan, alleen maar liggen en slapen en moe zijn.

Mem start de auto om te kijken of er een lekje zit on het overloopvat van de radiator. En ziet een klein lekje. En geeft nog eens gas om te kijken of dat de boel verergert. Pats! De gaskabel breekt kapot. Ai, ai, ai.

Ik bel Janus voor advies. Hij stelt voor om de gaskabel tijdelijk aan een andere draad vast te maken. Mem volgt zijn raad op. Ik spreek af dat ik – na de online zitting met de rechtbank – om 10.30 uur naar hem toe ga.

Mem komt even zitten en zegt dat de zuster hem vertelde dat Mama Irma doorligplekken heeft. Het is beter om haar op haar zij te leggen.

Hij vraagt zich af waarom dit allemaal zo moet aan het einde van het leven? Waarom komt God haar niet halen? Dat zou toch beter zijn….

Thelma komt rond 10.15 uur, net als de zitting met de rechter voorbij is. Ik heb mijn zegje gedaan over de twee percelen die één moeten zijn volgens mij. Rechter zegt als het één zou zijn, kan er nog steeds een extra uitrit komen.

 Wel verbaast de rechter zich erover dat er gemeentelijke groen verloren is gegaan en dat daar niet over gesproken wordt.

Uitspraak over 6 weken.

Als we om 11 uur bij Janus aan de deur zijn, is hij er niet. Ik bel hem en hij zegt dat hij mij twee keer gebeld heeft. Na onderzoek blijkt dat hij mijn oude chippie-nummer gebeld heeft van mijn ode Nokia telefoontje.

Hij zegt “wacht maar ,ik kom eraan”.

Hij gaat aan de slag met de fiets-remkabel die we bij Lily op Tera Cora hebben gekocht, vlak naast het pompstation. Zo’n fets-remkabel heeft precies zo’n zelfde aansluiting die je door zo’n oog haalt.

Opnieuw blijkt wat een knappe monteur Janus is, na drie kwartier is de klus geklaard. Als ik vraag hoeveel ik hem moet betalen, zegt  hij “geef maar wat, je bent mijn vriend.” Ik geef dertig gulden en vraag of dat genoeg is. Ja, hoor, zegt Janus, geef het maar aan die jongen (zijn hulpje).

Terug naar huis, waar Thelma extra materialen heeft gekocht tegen het doorliggen, soort sloffen van luchtig schuimrubber, die je aandoet.

Korte siesta. 15 minuten, maar toch verfrissend zo’n hazeslaapje.

Om 16.30 uur rij ik naar de stad. Heb afgesproken met drie oud-leerlingen van Radulphus: Valentina, Norediz en Natalie bij De Gouverneur, Otrobanda. Was heel erg gezellig, allemaal oude verhalen  van toen ik hier lesgaf en toen zij en wij naar Nederland gingen. Valentina ging op de Vossedijk in Nijmegen wonen en ik heb haar daar nog een keer opgezocht om te horen hoe het ging. 

Met Norediz geklets over Maastricht waar zij toen ging studeren. Ze ging inn Wyck wonen en zegt dat is net als hier , Wyck en de brug naar Maastricht , Punda en de brug naar Otrobanda.\

 Om 21.30 uur thuis. Alles dicht bij Mem en Mama Irma. Naar bed.

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *